Artikelen

Reflux maakt het leven zuur

Wrijven helpt niet

De komende feestmaand is niet per se feestelijk voor iedereen. Een avondje tafelen moet menigeen bezuren met brandend maagzuur, oftewel reflux. Een keertje zuurbranden is overkomelijk. Maar sommige mensen hebben het chronisch. En dat is andere koek.

Tekst: Margriet Zuidgeest [Eerder gepubliceerd in Libelle]

Sandra (47): “Jarenlang worstelde ik met vreselijke pijn achter mijn borstbeen. Omdat het voornamelijk aan de linkerkant was, was ik bang voor een hartprobleem. Daarnaast had ik wat stress op mijn werk en thuis was het druk – ik had vier kleine kinderen. Reden genoeg voor de huisarts om me door te sturen naar de cardioloog. Vele testen later bleek ik gelukkig geen hartafwijking te hebben. Toen pas werd er gedacht aan brandend maagzuur als mogelijke oorzaak. Een maagonderzoek bevestigde dit vermoeden, want mijn slokdarm was door het zuur inmiddels aangetast.”

Artsen en patiënten zien reflux – in het Engels ‘heartburn’ – regelmatig aan voor een hartprobleem

Van de hartbewaking

Het bovenste deel van de maag produceert dagelijks zo’n anderhalve liter maagsap, met als belangrijk bestanddeel: zoutzuur. Dit is vooral bedoeld voor het doden van bacteriën om darminfecties te voorkomen, en om een begin te maken met de spijsvertering. Nuttig spulletje dus, maar nogal pijnlijk als het omhoog, richting slokdarm gaat. Dan is er sprake van zuurbranden ofwel ‘reflux’. Sommige mensen hebben hier af en toe last van, maar ruim 10 procent van de Nederlanders dagelijks. Het is de meest voorkomende bovenbuikklacht, maar dat wil niet zeggen dat het goed wordt herkend. Want artsen en patiënten zien reflux – in het Engels ‘heartburn’ – regelmatig aan voor een hartprobleem.

Professor Dr. Ben Witteman is als maag-darm-leverarts verbonden aan Ziekenhuis de Gelderse Vallei en hij herkent die verwarring. “Een aanzienlijk deel van onze patiënten komt bij de hartbewaking vandaan. De pijn op de borst – vaak uitstralend naar de keel en armen – kan zo hevig zijn, dat mensen ervan overtuigd zijn een hartinfarct te hebben. Niet gek ook, want de symptomen zijn vergelijkbaar.” Natuurlijk zijn patiënten opgelucht als de ‘hartaandoening’ van de baan is omdat het ‘slechts’ reflux is. Toch benadrukt Witteman dat chronisch zuurbranden (refluxziekte) ook bepaald niet zonder risico is. Daarover straks meer.

Zure afterparty

Eerst maar dat incidentele maagzuur onder de loep. Velen van ons kennen het wel: een feestelijk, wijnovergoten veel-gangendiner met een espressootje na. Minder gezellig is de afterparty; een branderig gevoel op de borst, zure oprispingen in de keel of een opgeblazen gevoel in de buik. Wat is er dan eigenlijk aan de hand? Ben Witteman: “Dat opgeblazen gevoel is gewoon een kwestie van te veel eten in je maag. De oplossing is dan: minderen of het beter verdelen over de dag.” Voor het zuur en het branderige gevoel ligt dat anders. “Er zit een afsluitklepje tussen de slokdarm en de maag dat moet voorkomen dat het maagzuur richting slokdarm stroomt. Door bepaalde voedingsmiddelen ‘ontspant’ dat klepje waardoor dat maagzuur omhoog kan komen. En dat voel je.” Bekende boosdoeners zijn: pepermunt, gevulde koeken en vette voeding, maar ook een te volle maag, alcohol en bepaalde medicijnen (pufjes voor de longen) werken die ‘ontspanning’ in de hand. Wel kunnen die zuurtriggers voor iedereen anders zijn. Maar wie ze in beeld heeft, kan deze voedingsmiddelen vermijden, en vaak is de kwaal dan opgelost.

Breukje in het middenrif

Wie niet alleen bij ‘verkeerd’ eten, maar langer symptomen heeft, wil natuurlijk weten of er iets aan de hand is. Neem Marjolijn (53). Zij had jarenlang reflux, vermomd als keelklachten. “Het voelde als een ‘dikke keel’ waar bovendien iets vast leek te zitten. Mijn huisarts stuurde me naar de KNO-arts. Die keek met een instrument in mijn keel, maar zag niets geks. Vervolgens verwees hij me naar de logopedist. Die vermoedde een stressprobleem en gaf mij stem- en ontspanningsoefeningen. Hoewel ik inderdaad last had van spanning, hielpen de oefeningen weinig.” Omdat Marjolijn eigenlijk bang was voor een tumor, vroeg ze de huisarts of een slokdarmonderzoek mogelijk was. Ze kreeg een ‘gastroscopie’; een onderzoek in het ziekenhuis waarbij met een dunne slang via de mond in de slokdarm en maag wordt gekeken. “Gelukkig bleek er geen gezwel te zitten. Mijn zogenaamde keelpijn was een geïrriteerde slokdarm die af en toe spasmes vertoonde. Dan trekt ‘ie krampachtig samen waardoor eten lastig wordt. De oorzaak: langdurig zuurbranden en spanning.” Ook Sandra wist na de gastroscopie dat haar ‘hartpijn’ werd veroorzaak door maagzuur. Zij bleek een ‘breukje in het middenrif’ te hebben. En dat is vaker het geval bij refluxziekte.

Mogelijk kwaadaardig

Het eerder genoemde afsluitklepje onderin de slokdarm (dat terugstromen van maagzuur moet voorkomen) werkt samen met dat middenrif – een spierplaat tussen de borst- en de buikholte, waar de slokdarm doorheen loopt. In dit middenrif kan (al bij geboorte, door een ongeval of spierverslapping) een breukje ontstaan. Normaal heb je daar geen last van, maar het maakt die doorgang van de slokdarm wijder. Het gevolg: het maagzuur kan toch de slokdarm instromen. Dat veroorzaakt mogelijk pijn, een zweer of het gevoel dat er een brok in de keel zit. Naast pijnlijk, is dat zuur ook risicovol, volgens Witteman.  “Want in tegenstelling tot maagslijmvlies, dat prima bestand is tegen maagzuur, kan slokdarmslijmvlies daar absoluut niet tegen. Het zuur irriteert, kan slokdarmspasmes (een soort kramp) geven en het leidt soms tot kwaadaardige veranderingen in het slijmvlies.”

Wanneer een gastroscopie?

Dit soort beschadigingen komt dus aan het licht bij een gastroscopie. Maar is zo’n maagonderzoek nou echt nodig? “Nee, lang niet altijd,” zegt Ben Witteman. “Maar het is begrijpelijk dat patiënten en huisartsen willen weten of er afwijkingen zijn zoals maag- of slokdarmkanker. Maar eigenlijk is een scopie alleen nodig in twee specifieke gevallen. Allereerst: als eten niet goed zakt – denk aan het stuk vlees dat bij de barbecue of kerstdiner in je keel blijft hangen – moet je dat inderdaad onderzoeken. Om te checken of er geen slokdarmtumor zit. En de oorzaak van deze ‘passageklachten’ kan een vernauwing in de slokdarm (een zogenaamde peptische stenose) zijn; in feite littekenweefsel door langdurig zuurbranden. Dat kan zo nodig worden opgerekt.” De andere reden voor een scopie is wanneer de arts zich afvraagt of een patiënt afwijkend slokdarmslijmvlies heeft: een ‘Barrett slokdarm’. Witteman: “Als slokdarmslijmvlies jarenlang wordt lastiggevallen met maagzuur, kan het de structuur krijgen van maagslijmvlies. Dat lijkt misschien gunstig, want maagslijmvlies kan tegen zuur. Er is alleen een belangrijke ‘maar’. De cellen in deze Barrett slokdarm kunnen een voorstadium worden van slokdarmkanker. De kans daarop is minder dan vijf procent, maar regelmatig controleren en maagzuurremmende medicijnen zijn belangrijk.” Maar als iemand geen passageklachten of mogelijke Barrett slokdarm heeft, hoe weet de arts dan zonder scopie dat maagzuur de kwelgeest is?

“Door eerst zuurremmende medicijnen te proberen. Verdwijnt de pijn, dan weet je dat het zuurbranden is. Als er geen alarmsymptomen zijn (zoals die passageklachten of ongewild gewichtsverlies), is een scopie meestal overbodig en kan de patiënt het medicijn blijven gebruiken.”

Verhoog het hoofdeinde van het bed, eet en drink niet meer de laatste drie uur voor het slapen en vermijd alcohol en sigaretten

Maagzuurbinders en maagzuurremmers

Maar het ene medicijn is het andere niet. Wie af en toe klachten heeft, is meestal geholpen met een maagzuurbinder (Rennie, Maalox). Die werken lokaal, in de maag en binden daar het maagzuur. Maagzuurbinders geven snel effect. Ben Witteman: “Maar bij chronisch zuurbranden zijn sterker werkende medicijnen nodig: maagzuurrémmers van het type ‘protonpompremmer’, zoals omeprazol of pantoprazol. Die werken via het bloed en zorgen ervoor dat de maag minder zuur aanmaakt.”

De maag-darm-leverarts heeft ervaren dat deze middelen voor veel wanhopige patiënten een uitkomst zijn. “Én belangrijk, want ze beschermen het slokdarmslijmvlies goed tegen dat schadelijke chronische zuurbranden.” Wel is het belangrijk dat patiënten ook met leefregels en voedingsaanpassingen aan de slag gaan. Bij Marjolijn verdween het zuurbranden, nadat ze een paar maanden omeprazol had gebruikt. Maar ze moest wel haar leefgewoontes veranderen.

“Toen ik stopte met medicatie en geen last meer had, zei mijn arts dat de slokdarmirritatie nu genezen was. Wel laat ik mijn dagelijkse wijntje nu staan. En omdat de MDL-arts zei dat stress de maagzuurproductie verhoogt, ben ik aan yoga gaan doen en wandel ik dagelijks minstens een half uur ter ontspanning. Soms heb ik bij een etentje met rode wijn nog last van maagzuur, maar dan helpt een Rennie prima.”

De Maag-darm-leverstichting onderschrijft het belang van bewegen én een gezond lichaamsgewicht. En aangezien ruim de helft van de refluxpatiënten te zwaar is, kan afvallen zinvol zijn. De maag komt namelijk in de knel door overgewicht, met terugstromend maagzuur als gevolg. Sandra verloor een paar kilo door anders te eten en meer te bewegen. “Ik kreeg meer lucht bij het middenrif en dat scheelde. Desondanks hield ik klachten, dus zonder omeprazol kan ik niet. Maar daarmee kan ik prima functioneren.” Een maag in de knel is ook een bekend euvel bij zwangerschap overigens. Afvallen kan in dat geval niet, maar aanstaande moeders zweren bij gele vla, gemberthee of liga (geen wetenschappelijk feit!).

Oorzaak aanpakken?

Maar moest bij Sandra niet gewoon de oorzaak – die middenrifbreuk – worden aangepakt? Witteman raadt het af. “Dat kan met een zogenaamde ‘Nissen-Toupet-operatie’; een gecompliceerde ingreep en bij voorkeur gereserveerd voor patiënten die niet op medicatie reageren. Hij wordt maar door een paar chirurgen in Nederland gedaan, bij maximaal 200 patiënten per jaar. Daarom geef ik de voorkeur aan leefregels en maagzuurremmers. Die hebben in de afgelopen 30 jaar vele patiënten goed geholpen.”

 

Maagzweer?

Vroeger hoorde je het regelmatig: mensen die een ‘maagzweer’ hadden; een beschadiging in het maagslijmvlies of in de twaalfvingerige darm. Heel pijnlijk omdat er maagzuur in de zweer komt.

De twee belangrijkste oorzaken:

  • de Helicobacter pylori-bacterie (ongeveer 60 procent van de gevallen). Omdat deze bacterie weinig meer voorkomt, zijn er minder maagzweren.
  • pijnstillers uit de NSAID-groep (aspirine, ibuprofen, diclofenac, etc).
  • Advies voor mensen met maagklachten, ouder dan 70 jaar, óf die bloedverdunners gebruiken: slik een maagzuurremmer (bijvoorbeeld omeprazol of pantoprazol) bij NSAID-gebruik ter bescherming van de maag. Die genezen ook een eventueel bestaande maagzweer.

Maagzuurremmers: meer botontkalking en minder magnesium?

Af en toe komt het in het nieuws: wie lang maagzuurremmers slikt, zou meer risico lopen op osteoporose (botontkalking) en een magnesiumtekort (kan leiden tot bijvoorbeeld spierkramp, vermoeidheid en hartritmestoornissen). Goed om dit met de huisarts of specialist te bespreken en eventueel te laten controleren.

Wanneer naar de dokter?

  • Als voedsel niet goed wil zakken in de slokdarm
  • Bij regelmatig overgeven
  • Meer dan vijf kilo afvallen in korte tijd, zonder aanwijsbare oorzaak
  • Bij zwarte, dunne, plakkerige ontlasting

Bron: www.mlds.nl/

Tip van de Maag-lever-darmstichting: verhoog het hoofdeinde van het bed, eet en drink niet meer de laatste drie uur voor het slapen en vermijd alcohol en sigaretten.

Cijfers:

  • Maagkanker is zeldzaam; het wordt per jaar bij zo’n 2000 mensen (vooral bij mannen van 60 jaar of ouder) vastgesteld [via gezondheidsnet.nl]
  • Ongeveer 7 procent van de Nederlanders slikt regelmatig een maagzuurremmer, zoals omeprazol.
  • Een gastroscopie (maagonderzoek) duurt 3 tot 4 minuten. Een kwart van de patiënten krijgt (op verzoek) een ‘roesje’.
  • Ongeveer 40 procent van de mensen ouder dan 60 jaar heeft een middenrifbreuk – vaak zonder het te weten.

Meer lezen en bronnen :

 

Met dank aan:

Prof. Dr. Ben Witteman, maag-darm-leverarts, Ziekenhuis Gelderse Vallei, Wageningen