Op 4 maart is het Wereld Obesitas Dag. Lang was BMI leidend als het ging om riskant overgewicht, maar nu blijkt iets anders nog belangrijker te zijn: de buikomvang. Het vet rond de taille kan allerlei processen in het lichaam ontregelen. Hoe krijg je die buik weg?
(Dit artikel is eerder gepubliceerd in Libelle)
Tekst: Margriet Prikken
De een heeft het op de heupen, de ander op billen of benen. Maar wie een ‘buikje’ heeft – en wie heeft dat niet? – moet dat serieuzer nemen dan we dachten.
“In de afgelopen tien, twintig jaar is gebleken dat te veel buikvet, het zogeheten viscerale vet, enorm schadelijk is”, zegt professor dr. Liesbeth van Rossum. Zij is internist-endocrinoloog en hoogleraar obesitas en stresshormonen bij het Erasmus Medisch Centrum. Tot voor kort, vertelt ze, werd dit specifieke lokale vet niet meegenomen bij de behandeling van overgewicht. “De Body Mass Index (BMI) was altijd leidend, maar dat is een maatstaf op basis van lengte en gewicht waarbij niet wordt gekeken naar de vetverdeling over het lichaam. Het werd tijd om de richtlijnen obesitas te herzien. Drie jaar hebben we daar aan gewerkt met alle relevante beroepsgroepen.” Van Rossum was de initiatiefnemer. De belangrijkste boodschap in die nieuwe richtlijn: vrouwen met een buikomvang van 88 centimeter of meer zitten in de gevarenzone.
Obesitas is een ziekte
14 procent van de Nederlanders heeft obesitas en maar liefst de helft van de Nederlanders heeft overgewicht. Als we niets doen, is dat over 15 jaar twee derde van de Nederlanders. Bij volwassenen geldt een BMI boven de 25 als overgewicht. Bij een BMI vanaf 30 spreken we van obesitas, wat een serieuze ziekte is.
Bekende gevolgen van overgewicht zijn hart- en vaatziekten, diabetes, hoge bloeddruk. Maar dat is niet alles. Van Rossum: “Inmiddels weten we dat fors overgewicht zélf, met name buikvet, veel schade veroorzaakt. Je moet denken aan een paar honderd aandoeningen en ziektes en meer dan tien vormen van kanker. Oftewel: obesitas is een ernstige ziekte. Díe moeten we volwaardig behandelen, in plaats van de gevolgen ervan.”
Marlijn (54) heeft sinds haar puberteit overgewicht. “Tegenwoordig heet dat obesitas. Wat heb ik gelijnd… Eindeloos diëten om minstens dertig kilo af te vallen, altijd maar jojoën, om uiteindelijk op een hoger gewicht te eindigen dan toen ik met het dieet begon. Ik kreeg artritis, ontsteking van mijn gewrichten. Toen ik tegen de vijftig liep en een BMI van 35 had, werd ik depressief. Die artritis vond ik begrijpelijk. Het gewicht belastte mijn knieën en heupen zodanig dat je erop kon wachten dat die me niet meer konden dragen. Maar dat ik vier jaar geleden depressief werd, begreep niemand. Het paste totaal niet bij een positief persoon als ik ben. Ik was al niet zo uithuizig vanwege mijn omvang, maar na de diagnose depressie belandde ik chronisch op de bank en daar bleef ik.”
“Ik kwam steeds verder in de put, want ik had zo veel diëten geprobeerd, raakte geen koolhydraat meer aan en toch leek niets te helpen”
Ontstoken buikvet
Vooral Marlijns BMI was destijds de graadmeter. Inmiddels is duidelijk waarom de focus meer moet liggen op buikomvang. Buikvet is een orgaan dat honderden hormonen produceert en ‘communiceert’ met het hele lichaam. Normaal gesproken gaat die communicatie van hormonen en allerlei andere stofjes goed, maar bij te veel buikvet is het orgaan ziek en chronisch licht ontstoken. Gevolg: ontregeling van het hele lichaam door verstoorde vethormonen en ontstekingsstofjes. Die gaan bijvoorbeeld via de bloedbaan naar organen, longen, gewrichten en naar plekken in de hersenen, zoals de hypothalamus (die reguleert eetlust en verbranding) en de amygdala (stemming en emotie). Dit kan resulteren in depressie en angststoornissen. Dat Marlijn een depressie had, kan dus ook veroorzaakt zijn door het overgewicht. Hoe groot dit risico precies is, is niet bekend.
En de artritis? Is dat puur overbelasting? Van Rossum: “De belasting van gewrichten komt enerzijds door het meesjouwen van het overgewicht. Maar ook in de gewrichten kunnen ontstekingsstofjes schade aanrichten.”
Een ander voorbeeld van die ontregeling betreft het vethormoon leptine. “Leptine remt de eetlust en stimuleert calorieverbranding. Door de ontsteking van het buikvet wordt dat vethormoon in de hersenen niet goed meer ontvangen. Tegelijkertijd werken bij veel overgewicht de verzadigingshormonen in de darmen niet goed meer. De gevolgen: geen eetlustremming, lagere calorieverbranding en dus vaak verdere gewichtstoename.” Daar valt dus lastig tegenaan te diëten. Maar andersom heeft het ook invloed, zegt de internist-endocrinoloog. “Iemand met een chronische ziekte of aandoening die tegelijkertijd kampt met obesitas, is daardoor vaak minder goed te genezen.”
Twaalf kilo eraf
Toen bij Marlijn 2019 een depressie werd gediagnosticeerd was ze 49 jaar, 1.75 meter lang en ze woog 108 kilo. “Ik kwam steeds verder in de put, want ik had zo veel diëten geprobeerd, raakte geen koolhydraat meer aan en toch leek niets te helpen. Ik wilde alleen maar met een dekbed over mijn hoofd in bed liggen. Gelukkig dacht de huisarts daar anders over: ik kreeg een antidepressivum. Twee weken lang was ik er misselijk van, maar in de loop der maanden werd mijn stemming wat beter.”
Bij een volgend consult stelde de huisarts Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) voor onder leiding van een leefstijlcoach. Dit groepsprogramma is gericht op een andere leefstijl, gezonde voeding en gedragsverandering. Marlijn: “Inwendig zuchtte ik bij het woord ‘groep’. Maar ik had een klik met een andere deelnemer en we motiveerden elkaar enorm. De GLI-aanpak bleek te werken, misschien omdat het geen dieet was.”
Ze skipte resoluut alle snacks, suikers en snoep. Ook probeerde ze volgens de Schijf van Vijf te eten en op vaste tijdstippen, in plaats van hapsnap zoals ze altijd had gedaan. “Aanzetten tot bewegen was onderdeel van het GLI-programma. Sporten deed ik voordien weinig, vanwege de pijn in mijn gewrichten. Zwemmen bleek wel prettig en haalbaar. Daarnaast veranderde ik simpele dingen. Zo fietste ik voortaan naar het werk in plaats van de tram te nemen, ik meed de lift en nam vaker de trap. Alle beetjes hielpen.”
In tien maanden tijd raakte Marlijn twaalf kilo kwijt. Ze was ook vrolijker, waarschijnlijk dankzij de antidepressiva. Maar ondanks haar inspanningen lukt het de maanden daarna nauwelijks nog om meer af te vallen. Daar snapte ze niets van.
Het menselijk lichaam onthoudt helaas dat het te dik is geweest en is zo geprogrammeerd dat het altijd terug wil naar dat hogere gewicht
Onderliggende oorzaak van een dikke buik
Het is belangrijk de onderliggende oorzaak van overgewicht goed te onderzoeken, stelt Van Rossum. “Soms is die oorzaak leefstijl of medicijngebruik, maar iemand kan ook sociaal of psychisch in de problemen zitten. Met schulden heb je bijvoorbeeld meestal geen aandacht voor een gezonde leefstijl, met alle gevolgen van dien.” Maar als je obesitas goed behandelt, is er na afvallen een reële kans op herstel van bepaalde ziektes, of je hebt minder medicijnen nodig, zegt Van Rossum.
Diëten moet je vergeten volgens haar. “De meeste diëten zijn lastig vol te houden en werken alleen op de korte termijn, daarna ontstaat het jojo-effect. Je hongergevoel neemt namelijk toe en de verbranding af, heel frustrerend. Het menselijk lichaam onthoudt helaas dat het te dik is geweest en is zo geprogrammeerd dat het altijd terug wil naar dat hogere gewicht. Dus sla je aan het jojoën. Daarom moeten mensen met obesitas meer moeite doen om op een gezond gewicht te blijven dan iemand die altijd al op een gezond gewicht zat. Het is dus geen kwestie van ‘zwak’ zijn, of weinig discipline hebben. Je immuun- en vetcellen zetten gewoon alles in het werk om weer kilo’s te verzamelen.”
Maar ja, dat overgewicht wil je wel kwijt en vooral de buikomvang moet afnemen. Want volgens de nieuwe richtlijn is bij vrouwen een buikomvang vanaf 88 centimeter bij een BMI van 25 of hoger een reden om ermee aan de slag te gaan. Liesbeth van Rossum raadt aan om dan naar de huisarts te gaan voor advies. Sowieso is het goed om te eten volgens de Schijf van Vijf en te leven en bewegen volgens de nieuwste richtlijnen (zie kader). Want naast gezond eten is vooral veel bewegen van belang. De Gecombineerde Leefstijlinterventie die ook Marlijn volgde is een goede basis en wordt vergoed door de verzekering.
In de overgang
Een specifieke groep die geconfronteerd wordt met een taille die verdwijnt en een buikje dat verschijnt, zijn vrouwen in de overgang. De hormonale veranderingen (zoals minder oestrogenen) leiden tot een andere vetverdeling en meer kilo’s. Gek genoeg zijn er nauwelijks studies over het effect van leefstijl bij vrouwen in de overgang met overgewicht. Wel bekend is, uiteraard, dat een goed voedingspatroon en meer bewegen een gezond gewicht bevordert, en dus voor gezondheidswinst zorgt. Ook is duidelijk dat gewichtsverlies minder opvliegers geeft en de kans op hart- en vaatziekten en diabetes – risicofactoren in de overgang – beperkt. Mooie bijvangst is dat meer beweging meestal de kwaliteit van leven vergroot. Oftewel: je wordt een stukje gelukkiger. Geen overbodige luxe, gezien die wiebelige hormonen.
Wie het lukt om gewicht kwijt te raken, wil dat graag zo houden. Maar je lichaam werkt je daarin dus tegen. Van Rossum: “Je lijf streeft ernaar om weer dat hoogste gewicht te bereiken. Dus zul je méér moeten bewegen om dat te voorkomen, en gezond blijven eten. Een handige tip is om voedingsproducten te scannen met de app Kies ik gezond? van het Voedingscentrum. Want 80 procent van het aanbod in de supermarkt is ongezond.”
Ander medicijn
Marlijn was teleurgesteld omdat het na die twaalf kilo niet lukte om meer af te vallen. “De dokter nam mijn medicijngebruik onder de loep, want ik slikte van alles tegen mijn gewrichtspijn, hoge bloeddruk en depressie. Mijn bloeddruk bleek inmiddels prima te zijn, dus dat middel kon eraf. Hij wist ook dat antidepressiva dik kunnen maken, dus schreef hij iets anders voor waarvan bekend was dat het geen gewichtstoename gaf. Dat vond ik spannend, want mijn depressie was behoorlijk opgeknapt. Ook kreeg ik een medicijn dat hielp bij afvallen.”
Daarna ging het beduidend sneller. “Ik herinner me de dag waarop mijn GLI-vriendin en ik allebei een tussentijds streefgewicht hadden behaald. Dolblij waren we, al wachtte ons nog een nieuw doel om helemaal gezond te worden. Met 20 kilo gewichtsverlies was mijn depressie al verbeterd, maar een half jaar geleden heb ik het gebruik van het antidepressivum helemaal afgebouwd. Inmiddels zijn ook mijn gewrichtsklachten vrijwel verdwenen. Wel zei de huisarts dat ik altijd moet blijven bewegen om mijn gewicht verder te verlagen. Maar ik ben op de goede weg, dus dat gaat me lukken.”
Goeie ouwe Schijf van Vijf
Het is nog steeds een goede richtlijn, de bekende Schijf van Vijf van het Voedingscentrum. De basis: eet veel groente en fruit, kies voor volkoren pasta, rijst en brood, gebruik zachte en vloeibare vetten, drink dranken zonder suiker. Kijk voor meer informatie op voedingscentrum.nl/nl/gezond-eten-met-de-schijf-van-vijf.
Nieuwe richtlijnen
• Met een BMI tussen de 25 en 35 zonder een al te hoge middelomtrek én zonder ziekte of gezondheidsproblemen door overgewicht kun je zelf aan de slag met de adviezen op voedingscentrum.nl/nl/afvallen.aspx.
• De belangrijkste adviezen bij obesitas: eten volgens de Schijf van Vijf, voldoende slaap en het verminderen van eventuele chronische stress.
• Beweegadvies voor afname buikvet met behoud van spiermassa: wekelijks 150-200 minuten matig tot zwaar intensieve lichaamsbeweging, 2x per week krachttraining, minder tijd zittend doorbrengen. Verdeel de lichaamsbeweging over meerdere dagen in de week en zorg dagelijks voor minimaal 30-60 minuten beweging.
Advies voor het behouden van gewichtsverlies: 200 tot 300 minuten per week matig intensief bewegen
EET- & BEWEEGTIPS
• Een greep uit de tips op fitopjouwmanier.nl, een leuke wegwijzer voor meer bewegen en afvallen.
• Ga tijdens het tandenpoetsen op één been staan.
• Drink muntthee zonder suiker.
• Doe je werkoverleg wandelend.
• Meer weten over het bereiken van (blijvend) gewichtsverlies? Kijk op overgewichtnederland.org.
Moet ik afvallen?
Om te weten of afvallen nodig is, meet je gewicht, buikomvang en BMI.
Dit kan onder meer viahttps://www.voedingscentrum.nl/bmivoedingscentrum.nl/bmi.
**Waardeer dit artikel!**
Vind je de inhoud van dit artikel de prijs van een kopje koffie waard? Of misschien van een lunch ;)? Ik ben je dankbaar als je het artikel met een bijdrage waardeert! Zo help je bovendien de onafhankelijke journalistiek in stand te houden.
Met dank aan: Prof. Dr. Liesbeth van Rossum, internist-endocrinoloog en hoogleraar obesitas Erasmus Medisch Centrum

